Fiat Seicento
Nieuwe dondersteen
Een groot deel van de auto's is niet lang na het schrijven
van het testverslag vergeven en vergeten. Een heel enkele auto
staat juist gegrift in het geheugen. De Fiat Cinquecento Sporting
is er zo één. Zelden wist zo'n goedkope auto zo veel
plezier te geven. Volgens velen kwam de opvolger van de
Cinquecento, de Seicento, eigenlijk te vroeg. De Seicento is echter
op belangrijke punten een verbetering ten opzichte van de Cinquecento.
|
|
De ronde vormen van de Seicento passen meer bij deze tijd dan de
hoekige vormgeving van de voorganger. De in kleur meegespoten
bumpers met breedstralers en extra luchtinlaten van de Sporting
zien er stoer uit.
Interieur
Ook het interieur is onder handen genomen. Achter het stuur is
een grote snelheidsmeter met daar omheen een rij controlelampjes te
vinden. De toerenteller is verplaatst naar een losse behuizing
centraal onder de voorruit. Dat is helemaal zo gek nog niet, want
bij echte sportwagens is de toerenteller ook van groter belang dan
de snelheidsmeter. De controlelampjes rondom de snelheidsmeter
vallen voor langere bestuurders helaas precies onder de stuurrand,
waardoor ze moeilijk te zien zijn.
Behalve een aangepaste
interieur-indeling, is het uitrustingsniveau van de Seicento een
stuk completer dan dat van de voorganger. Deze meest luxueuze
"Sporting" variant is standaard voorzien van onder andere
elektrisch bedienbare zijruiten, centrale portiervergrendeling
(zonder afstandsbediening) en een airbag voor de bestuurder.
Fire
Alle Seicento's zijn voorzien van dezelfde 1.1-liter FIRE MPI
motor. Het verschil tussen een gewone Seicento en de Sporting is
vooral te vinden in de versnellingsbak. Door de verhoudingen iets
anders te kiezen, maakt de motor meer toeren en heeft de auto een
gewilliger karakter.
En daarmee is niets te veel gezegd. Letterlijk
vanaf de eerste meter van de proefrit toont de auto een
ontegenzeglijk temperament. Gretig klimt de motor in de toeren en
sleurt het autootje zo snel het kan naar de maximumsnelheid,
wielspin gewenst maar niet verplicht. Daarbij geeft de Sporting de
inzittenden een enorm gevoel van snelheid en acceleratie.
|
Metingen wijzen uit dat de bijbehorende sprintcijfers bepaald
niet indrukwekkend zijn. Een beetje GTi zal niet eens door hebben
dat de kleine Seicento zich boos maakt. Maar dat maakt het plezier
met de Fiat er niet minder om. De auto laat zich watervlug door het
stadsverkeer sturen en heeft altijd meer dan genoeg vermogen voor
korte tussensprintjes. De remmen passen precies bij het speelse
karakter van de auto. Ze zijn perfect te doseren en bijten hard en
genadeloos om de auto veilig en snel tot stilstand te brengen.
Wanneer echt stevig wordt geremd zal alles wat los ligt in de auto
spontaan voorin liggen.
Nieuw in de Seicento is stuurbekrachting. Deze voorziening is
voor sommigen misschien prettig tijdens parkeren, maar het doet
afbreuk aan het sportieve karakter van de auto. De installatie is
veel te nadrukkelijk aanwezig, waardoor de bestuurder geen goede
communicatie meer heeft met de voorwielen. Voor wie de Seicento
Sporting koopt als sportwagen op budget, is dit geen verbetering.
Vooral in snel genomen bochten moet worden gevoeld hoe de koets
reageert en geven de wielen geen feedback meer. Wie de auto beter
leert kennen weet dat de wegligging nog steeds ongekend goed is
voor een auto in deze klasse, maar het echte bochtenplezier is er uit.
De Seicento kent een iets grotere wielbasis dan de voorganger
waardoor de auto een wat comfortabeler weggedrag heeft. Samen met
de iets rustiger lopende motor doet de Seicento volwassener aan dan
de Cinquecento.
Conclusie
De Fiat Seicento Sporting biedt zonder twijfel het meeste
rijplezier per gulden. Bovendien is het onschuldig rijplezier. Het
lijkt allemaal heel hard te gaan, terwijl de snelheden in feite
heel beperkt blijven. Bij al dat rijplezier hoort een kleine
praktische auto die zich goed in de stad thuisvoelt en ook niet
vies is van een stukje snelweg. Misschien is de Seicento te vroeg
geïntroduceerd, maar het blijft een entertainer van de eerste
orde die na een proefrit in het geheugen van iedere bestuurder
gegrift zal staan (Ivo Kroone).
|